HomeDeirdre & de zonen van UsnachPagina 16

JPEG (Deze pagina), 827.48 KB

TIFF (Deze pagina), 8.02 MB

PDF (Volledig document), 58.48 MB

t ` neer op den ouden man, die, sprekend, zijn hoofd
,,,_‘V __ jg. - hief om haar aan te zien. Maar het oogenblik, dat
­ '·`»· hij haar zag, zweeg hij, en stond op. Zijn oogen
. waren wijd van verbazing. Hij stamelde:
» Mij ‘Maar wie zijt gij ?’
_ ‘Ik ben Deirdre.’
­ E Q; Lavarcham trad nader, vreezend en aarzelend; maar
Delärdre, die den ouden man bleef aanzien, hief haar i.
? l j lin erarm, en hield haar teru .
‘Maar hoe is het, dat gij hieii zijt? Woont gij hier,
ij gij, died zoo schoon zijt, als ik! nooit nog een vrouw
`ïï za in e zalen van konin en.’
Q «al Mäar nu sprak Lavarcharä met angstigen toorn:
``‘" ‘Zwijg van koningen en de schoonheid V3.Il VFOUWCH,
;QY[’, l gij, die oud zijt en wijs moest zijn! Laten het alleen
if de woorden zijn van nederigen dank, die gü spreekt.
q. `o·,, ¢ En volg mij nu, Ik zal u wijzen waar gij rusten kunt
rjvjj 5 tot gij morgen vroeg weer vertrekt. Hier wordt
gezvtaegcn over wat hier niet is, CH Diet l§OII1CD
. ~ ma .
j· Haär angst, waarvan zij niet wisten, dwong hen. De
ff _ oude man volgde Lavarcham. Het vertrek verlatend,
staande op de eerste trede van de steenen torentrap,
ej-, _,,_ tij; j wendde hij zich, en zag nog eenmaal naar Deirdre,
die voor het vuur stond, en in de vlammen staarde.
`·,_, Maar Lavarcham legde haar bevende hand op zijn
ij SChOl1dCI', BCidCI'1 VCI'd.VVCI]CI`l, stijgend in hCt duister
* ?·. ¥<. ‘ van de toren.
- t,»‘` ä Den volgenden morgen, met de eerste schemer-
.v‘,_ lg vroegte, vertrok hij.Lavarcham liet hem uit, voor nog _
.'·' Q E Deirdre ontwaakt was. De regen had opgehouden, `
ä IO
“,ii °.‘¢l‘iii.ii iii l
»‘­ ’.‘ Ffï; ? l
·‘``=·«‘ Q
‘`’·=. ïä;.
ï-¤¤r“