HomeInkeerPagina 23

JPEG (Deze pagina), 718.66 KB

TIFF (Deze pagina), 9.61 MB

PDF (Volledig document), 23.24 MB

; XII. Waarom die rustelooze drang
d, E Een onvervulde jonkheid lang?
Ik Weet het nu, ik Was op reis
. . ¥*
Naar het verloren paradijs.
. Q,
` °t Leven, een vaal en ledig veld,
Leek tot onvruchtbaarheid gesteld,
_ Maar aan zijn horizon rees toen j
E En hoog en teeder visioen.
I Onpeilbaar-schoon, onmeetlijk­ver
Onder het licht van de eerste ster,
(Ik trok daar heen) en roerloos-bleek
. • . . ‘ ffïä
Boven de kim d1e altijd week.
Een waan, een droom, een lichtend beeld
j Der ziel, die in zich zelf verdeeld,
‘ . . "
j Als ver visioen haar eene zelf
Ziet schijnen aan'tverbleekt gevvelf.
gt ..
Z Waarnaar wat achter blijft nu haakt ,
E Opdat het, aan zijn doel geraakt, ·,
I . . . ,
Tot de eigen volheid van voorheen i .
Zich met zijn ander zelfvereen.
V b I 7 {

i ` I ` i"¥· ‘