HomeNarrenwijsheidPagina 26

JPEG (Deze pagina), 795.07 KB

TIFF (Deze pagina), 9.58 MB

PDF (Volledig document), 24.55 MB

. · _ r t . - .- I. ··­«A `Ai,_.. « v·.
§ E ‘
‘ l
Angst. Het is zoo ver, Moeder. .1
De morgen was grauw, toen ik wegging van huis. ~
I Sinds klimt het licht, stil en aanhoudend,
Wijder klaren al wijder klaarten
j En 1k dwaal als een vogel boven de wolken.• •
i Ik wil je zien, Moeder. Ik wil nog éénmaal 1n je
E oogen zien, voor de grondelooze diepte mij
i neemt.
Je bent zoo ver.
T I Het is zoo ver, Moeder.
Ik koos de witte stilte, toen ik wegging in den
g · herfst.
Sinds zonk de wereld onder mijn voeten.
Zwakker worden de stemmen, hooger en hooger
rijzen de witte zalen.
I .= Ik luister. Straks?
Ik wil je hooren, Moeder. Ik wil nog éénmaal je
stem hooren, voor ik wit word.
Je bent zoo ver. ·
Het is zoo ver, Moeder.
Ik nam den grijzen weg, toen ik wegging in den
wind.
E Sinds ging ik den berg op, .
Dieper wijken de dalen, de bosschen zijn voorbij
jl; en schaarscher wordt het leven tusschen de
, j steenen, _ _ .
26
Vi ·
!
ll