HomeHet zatte hartPagina 27

JPEG (Deze pagina), 671.29 KB

TIFF (Deze pagina), 9.79 MB

PDF (Volledig document), 19.99 MB

a ti .· 4 1-~ .7 ­ v à / "`_
kl
l

0 Late dag, gij smaakt naar water en naar rozen.
- Ik weet me alleen te zijn in't wijde, koele huis;
N 'k geniet mijn eenzaamheid; ik voel mijn vrees verblozen;
E . I . .
ä ik voel t verleên vergaan in teeder blaêr-gesuis.
Reeds neigct de zon ter rust en lijkt't gerijs der mane.
I. Er is geen omst die hoopt; er is geen leed dat wijkt.
Een vreed'ge staat regeert die, buiten wensch en wanen,
vermeert een zoet betrouwe' en dat me­zelf gelijkt.
En de avond staat gestrekt aan dezen muur vol bloemen
; t rijzig en ij l, gelijk de schaaüw der eeuwigheid . ..
Een bij ën-zwerm die keert: ik hoor dees woorden zoemen
_ die 'k, zwaar aan dracht,maar blijde en vroom, der Stilte wijd. ·

l ii